Recente Nieuwsberichten over vrouwenhandel  
Algemeen Over de SRTV
Benoeming nieuwe nationaal rapporteur mensenhandel SRTV op reis naar Litouwen en Letland
De ‘loverboy’ is een ordinaire pooier Europees Sociaal Forum
Zomerkamp voor Moldavische slachtoffers vrouwenhandel Vrouwensynode 2006
Vrouwenhandel, de slavernij van het derde millennium 2006 Lustrumjaar SRTV
Landelijke Campagne Mensenhandel Viering Vijftien jaar Religieuzen Tegen Vrouwenhandel
MTV en Oekraïense rockers tegen mensenhandel Schrijfactie
Religie niet om zieltjes te winnen, maar om levens te redden De verhuizing van de SRTV
Raad van Europa ratificeert Verdrag Mensenhandel Nieuwe medewerkers in Malawi
Illegale escorts bij controle Maakt het waar! Armoede de wereld uit
Kamer wil meer werk van aanpak mensenhandel Bericht uit Letland
Knap onderzoek naar vrouwenhandel van Ruth Hopkins De SRTV in Zwolle en Dordrecht
Expertisecentrum bundelt kennis mensenhandel Een enerverende conferentie in Roemenië
Amazone en Vrouwenhandel SRTV in Amsterdam
  De SRTV in Rome

Benoeming nieuwe nationaal rapporteur mensenhandel
De ministerraad heeft er op voorstel van minister Donner van Justitie mee ingestemd om mw.mr. C.E. Dettmeijer-Vermeulen (56) voor te dragen voor benoeming tot Nationaal Rapporteur Mensenhandel. De benoeming gaat dit najaar in.

Mw. Dettmeijer-Vermeulen was in de periode 1980-1985 officier van Justitie bij het arrondissementsparket in Rotterdam. Daarna vervulde zij diverse functies bij de zittende magistratuur onder meer als kinderrechter, rechter in de familiekamer en vervolgens in de Vreemdelingenkamer. Verder vervulde mw. Dettmeijer-Vermeulen verschillende managementfuncties bij onder meer de rechtbank te Den Haag.
Mw. Dettmeijer-Vermeulen volgt mw. A.G. Korvinus op die vanaf 1 april 2000 de functie van Nationaal Rapporteur vervulde.

ANP 04-07-2006

 

terug naar begin

 

 

 

 

 

 

 


Europees Sociaal Forum
Sinds enige jaren wordt op wereld niveau, op Europees niveau en op landelijk niveau jaarlijks een sociaal forum georganiseerd.
Ivonne van de Kar bezocht van 4-7 mei het Europese Sociale Forum in Athene, onder de slogans ‘De Wereld Veranderen’ en ‘Een ander Europa is mogelijk’. Caritas Frankrijk was met een grote delegatie afgereisd in het kader van ‘de vredeskaravaan’ en organiseerde daar enkele workshops.

Ruim twaalfduizend mensen verzamelden zich begin mei in Athene, een stad die na de Olympische spelen van 2004 moeiteloos een dergelijk grote groep bezoekers kan herbergen en vervoeren. Dagelijks reisden al deze mensen naar het terrein waar het Sociale Forum werd gehouden.
Opmerkelijk was het grote aantal vrijwilligers dat dagelijks klaar stond. Elke workshop werd door studenten simultaan vertaald in vaak 5 of 6 talen. Vrijwilligers runden het cafetaria en zorgden voor apparatuur. Laptops, beamers en microfoons die tegenwoordig nodig zijn bij dergelijke bijeenkomsten werden door hen zeer professioneel bediend en aangesloten.
Op de informatiemarkt, hoewel vrij overheersend bezocht door luidruchtige anti-globalisten, werden vlaggen, T-shirts, boeken en posters van uiteenlopende sociaalbewogen organisaties verkocht. De organisatoren waren er in geslaagd een groot aantal nieuwe Europeanen aan te trekken en er was een duidelijk aanwezige vertegenwoordiging uit Turkije. Er waren ruim 400 workshops met zeer uiteenlopende onderwerpen: over de rechten van Roma, gezondheidszorg voor iedereen, vredesgesprekken in centraal Afrika en watermanagement.
Voor de workshop over vrouwenhandel nodigde Caritas Frankrijk enkele sprekers uit, onder wie Ivonne van de SRTV, en iemand van Caritas Duitsland, Oekraïne en Kroatië. Het werd een goed bezochte bijeenkomst.

Alle sprekers in de workshop namen een gedeelte van het mensenhandelverdrag van de Raad van Europa en het rapport van de Expertcommissie van de EU voor hun rekening. De nadruk lag vooral op de mensenrechtenbenadering, de holistische en geïntegreerde aanpak van mensenhandel.
De workshop werd gehouden op de laatste avond van het Sociale Forum, van 18.00 tot 21.00 uur.
De vraag was of er nog mensen bereid waren naar een workshop over vrouwenhandel te komen op de laatste avond rond etenstijd, na dagen van praten, luisteren en discussiëren. Tegen alle verwachting in liep de vrij grote zaal tegen zessen vol met ongeveer 80 toehoorders. Onder de bezielende leiding van Caritas Frankrijk werd iedereen uitgenodigd deel te nemen aan het debat.
Het Sociaal Forum was een zeer goede en interessante bijeenkomst van velen die bewust bezig zijn met de toekomst van Europa op sociaal gebied.

Ivonne van de Kar, medewerker SRTV

terug naar begin

De ‘loverboy’ is een ordinaire pooier
Loverboys, tien jaar geleden doken ze ineens op. Maar loverboys zijn een mythe, zegt nieuw onderzoek. “Het zijn keiharde pooiers, die gewoon de oude tactieken gebruiken.”

Romeo (23): “Een probleem was wel dat niet alle meisjes meteen de hoer wilden spelen. Dan zeiden ze: ‘ja, ik ben geen hoer.’ Zei ik: ‘Nee, je bent geen hoer, je doet gewoon die man een plezier.’ Je moet goed lullen want veel van die vrouwen zijn dom. Maar op een gegeven moment gaan ze gewoon om jou geven, want je doet dingen met ze, je neemt ze mee uit, je betaalt voor ze, je geeft ze make-up en shit en een beertje met een kaartje en een roosje. Dan gaan ze je aardig vinden en dan gebruik je ze. Het komt vanzelf.”

Romeo, Antilliaan, lijkt het prototype van een loverboy: knappe gozer, vlotte babbel, goed bij kas. Welk meisje zou er niet verliefd op worden? Sinds de Utrechtse politie in september 1995 met het nieuwtje kwam dat allochtone jongens Nederlandse meisjes ritselden voor de prostitutie, is het land bij vlagen in de ban van het gevaar van loverboys.

“Maar dat typische beeld van een loverboy is verzonnen”, zegt onderzoekster Marion van San, die het verhaal van Romeo optekende. “Het is gek dat er zoveel paniek over is in de samenleving, terwijl er eigenlijk niets nieuws gebeurt. Hulpverleners zeggen dat ze per jaar een paar honderd slachtoffers van loverboys tegenkomen. Maar het concrete bewijs voor die verhalen blijkt flinterdun.” Van San onderzocht het fenomeen loverboys, samen met onder anderen de Utrechtse criminoloog Frank Bovenkerk. In juni verscheen hun boek.

“Loverboys bestaan wel, maar ze zien er heel anders uit dan we dachten,” zegt Van San. “Het zijn ordinaire, keiharde pooiers. De tactiek waarmee ze meisjes de prostitutie in krijgen, is dezelfde die pooiers altijd al gebruikten.” Waren het vroeger vooral blanke, Nederlandse mannen die vrouwen voor zich lieten werken in de prostitutie, nu zijn het met name jonge Marokkanen. Net als de Nederlandse bakker in veel steden is vervangen door de Turkse, en de schoonmaker door de Oost-Europaan. Toch is over loverboys veel meer ophef dan over het werk van eerdere generaties pooiers. “Omdat het om allochtone jongens gaat, die er met ‘onze’ meisjes vandoor zouden gaan,” zegt Van San.

“Je hoort iedere keer hetzelfde stereotype verhaal over loverboys die op grote schaal bij scholen meisjes werven. We zijn het in de praktijk heel weinig tegengekomen.” Voorlichting werkt volgens haar niet per se. Het is beter om loverboys pooiers te noemen en ze strafrechtelijk aan te pakken. Dat kan al, maar gebeurt zelden. “De politie legt deze jongens vooralsnog weinig in de weg.”

BN de Stem 12 juni 2006, door Remko Tanis

terug naar begin


SRTV op reis naar Litouwen en Letland
We zijn van 5 - 13 juni met zeven mensen namens de SRTV naar Litouwen en Letland geweest op uitnodiging van Caritas Litouwen en Caritas Letland. We vlogen naar Vilnius en van Vilnius gingen we met de Ford Transit van Caritas Litouwen – een busje met chauffeur – naar Kaunas.

Kaunas
In Kaunas logeerden we in een klooster van zusters. We zijn daar heel hartelijk ontvangen. We hadden het er goed. De zusters zijn bepaald niet rijk en moeten in gewone beroepen de kost verdienen.
Op 6 juni waren we de gasten van de directeur van Caritas Litouwen, pastor Grigas, en van enkele coördinatoren van een project van Caritas tegen vrouwenhandel. In ieder van de vijf bisdommen werkt een coördinator met een aantal vrijwilligers onder leiding van een geweldige vrouw, Kristina Misiniene, die haar collega’s begeleidt. Zij proberen met informatiemateriaal meisjes en vrouwen te waarschuwen voor ‘lieve’ verleiders, die pooiers blijken te zijn. Slachtoffers komen er immers pas achter als het te laat is. Ze vangen vrouwen op die uit de seksslavernij terugkomen in Litouwen. Soms kunnen ze die onderbrengen in veilige appartementen die Caritas voor hen gehuurd heeft of in zusterkloosters. Ze luisteren naar schrijnende verhalen en proberen hen zo te begeleiden dat ze weer in hun dorp of stad en bij hun families thuis kunnen komen.
Alle informatie werd voor ons door Kristina en pastor Grigas in het Engels of Duits vertaald.

Radio en krant
Yos Appelhof, Johan Naron, zuster Mechtild en pastor Grigas werden tegen het eind van de ochtend verwacht voor een radio-uitzending van de katholieke radio-omroep van Kaunas over de strijd tegen vrouwenhandel. (85% van de bevolking van Litouwen noemt zich katholiek.) Ook luisteraars konden vragen stellen. Onze vertegenwoordigers waren heel tevreden na terugkomst. Aan de uitzending vooraf bezochten ze een kapelletje in de studio, waar ze met de presentator baden voor een goede uitzending.
Na een gezellige maaltijd in een restaurant werden we geïnterviewd door een journaliste van de plaatselijke (neutrale) krant. Volgens Kristina was het artikel dat de volgende dag in de krant stond goed.

NGO’s
In Kaunas houden verschillende NGO’s zich bezig met de bestrijding van vrouwenhandel. Hun vertegenwoordigers ontmoetten we die middag.
We werden telkens met het busje van Caritas van de ene plek naar de andere vervoerd.
We vertelden wie we waren en wat we kwamen doen. Ons doel in Litouwen en Letland was: het netwerk met verwante organisaties versterken en op de hoogte komen van hun activiteiten, zodat we elkaar tot steun kunnen zijn.
Er werden daar televisieopnamen gemaakt en twee van ons werden kort voor de camera geïnterviewd.
Overal waar we kwamen lieten we exemplaren van ons internationale tijdschrift ‘Transactions’ en onze waarschuwingsfolders achter in het Litouws en in Letland in het Lets en Russisch.

Opvang van vrouwen
De volgende dag, woensdag 7 juni, bezochten we twee zusterkloosters. Naast het werk, dat deze zusters in hun kloosters doen – onder andere het verzorgen van oude vrouwen naar wie familieleden niet omkijken – vangen zij ook verhandelde vrouwen op, die bij hen op verhaal kunnen komen. In het ene klooster kunnen zusters ook een luisterend oor bieden. In het andere hebben de zusters daar door hun andere werkzaamheden minder tijd voor. In beide kloosters kunnen de vrouwen zich veilig voelen. Ze mogen de zusters ook helpen in de tuin en bij de verzorging van patiënten. De vrouwen zijn daar onder verantwoordelijkheid van Caritas. Wat de zusters ons vertelden maakte diepe indruk op ons.

Die middag ontmoetten we ook enkele vertegenwoordigers van andere zusterkloosters aan wie we ons verhaal vertelden en wier vragen we beantwoordden.
Doodmoe namen we ’s avonds hartelijk afscheid van pastor Grigas. Hij is zelf gevangene geweest van de Russen en heeft meer geleden dan wij kunnen vermoeden.

De volgende dag, donderdag 8 juni, reden we al om acht uur uit Kaunas weg naar Vilnius. Daar hadden we een gesprek met vrouwen van de politie. Een van hen was hoofd van de afdeling mensenhandel, en een ander van de afdeling opsporing en opvang. Zij was net terug uit Nederland waar ze Ton Brouwer, een van onze reisgenoten had ontmoet tijdens een conferentie. Ze had deze bijeenkomst voor ons gearrangeerd.
Zij vertelden over ontwikkelingen in Litouwen. Wij op onze beurt vertelden hen, hoe zij kunnen nagaan, of de uitnodigende instanties die vrouwen naar Nederland uitnodigen betrouwbaar zijn. Daarvoor kunnen zij bij de Nederlandse Ambassade informeren naar de inschrijvingsnummers bij de Kamers van Koophandel. We konden hen ook vertellen over de positieve resultaten van het telefoonnummer van “Meld misdaad anoniem”.
Wij kwamen te weten dat prostitutie in Litouwen verboden én strafbaar is. Prostituee zowel als klant betalen een eerste keer een boete van 575 Litas (€ 167,-), bij volgende keren kan het oplopen tot het dubbele ervan.

Kristina heeft ons bezoek erg gewaardeerd en voelde zich bij ons op haar gemak. Wij waardeerden hún werk en de geweldige organisatie van deze dagen in Litouwen. Dankbaar gingen we op het busstation van Eurolines uit elkaar. Chauffeur Saulus met Kristina terug naar Kaunas en wij naar Riga in Letland, waar we om een uur of zeven plaatselijke tijd in ons pension aankwamen. Na 88 treden kwamen we in onze kamers. De dames van ons gezelschap moesten met elkaar twee kamers delen. Gijs Lieffering had een kamer alleen.
We deelden met elkaar ook één douche, één toilet en één wastafel in één natte cel. Er was ook nog een ruimte waar we samen de avondboterham konden gebruiken. We hadden er logies en ontbijt. En het was heel gezellig.

Riga
Diezelfde avond nog kwam pastor Edgar kennis met ons maken. Hij is directeur van Caritas Letland. Hij wilde enkele afspraken met ons regelen.
Op vrijdag 9 juni werden we om 10.00 uur in het centrum ‘Marta’ verwacht.
‘Marta’ is een gouvernementele organisatie voor vrouwenstudies met een project tegen vrouwenhandel. We werden er gastvrij ontvangen. Drie medewerksters stonden ons te woord in het Engels. De coördinator van het project legde ons de doelstellingen ervan uit. Degene die vooral verantwoordelijk is voor de opvang van slachtoffers liet ons het schema zien van de professionele begeleiders van het project. Vanuit een kernteam van 2 maatschappelijk werkers met daaromheen een arts, een sociaal assistent, een advocaat en een psychotherapeut, kan een beroep gedaan worden op de politie, op het openbaar ministerie, op de sociale dienst, op een gynaecoloog, op een psycholoog (met name voor hulp aan familieleden), op een psychiater en op iemand die kan helpen, wanneer er schulden gemaakt zijn.
Marta kan slachtoffers onderbrengen in flats, waar ze veilig zijn en betaalt dan de huur en de medische zorg. De vrouwen worden tenminste het eerste half jaar na terugkomst geholpen om weer te integreren in de samenleving. Er is een nationaal project tegen mensenhandel van 2004 – 2008, dat door de Letse overheid gesubsidieerd wordt.
Ons gesprek met ‘Marta’ duurde, onderbroken door een lunch, tot 15.00 uur.

Zusters
We hebben twee kloosters bezocht van de Zusters Dominicanessen van Bethanië en van de Zusters van het Arme Kind Jezus.
De Dominicanessen hebben de laatste jaren enkele slachtoffers opgevangen. De zusters van het Arme Kind Jezus staan sympathiek tegenover iedere strijd tegen vrouwenhandel. We spraken de overste van het klooster van die zusters en raakten onder de indruk van wat zij zelf tijdens de bezetting had meegemaakt en dat was niet gering. Nu hebben de zusters die niet gepensioneerd zijn een gewone baan. Andere zusters geven catechese, bereiden vieringen met kinderen voor, zorgen voor zieken en ouden van dagen. Zondags na de mis kunnen mensen eten en zich wassen. Ze delen wat ze hebben. De zusters hebbel al zoveel taken, dat het onmogelijk voor hen is om nog de zorg voor slachtoffers van vrouwenhandel op zich te nemen. Wel zullen ze meisjes en vrouwen met behulp van onze waarschuwingsfolders in het Lets en het Russisch waarschuwen voor sluwe handelaren. De helft van de inwoners van Letland zijn Russen. Het totaal aantal inwoners van Letland is 2,3 miljoen. Ruim een miljoen woont in Riga.
Van het pensioen (jaarinkomen) van de overste kunnen de Zusters van het Arme Kind Jezus één maand de verwarming laten branden. En dat in de heel strenge winters van oktober tot april in Letland.
We bezochten ook het ‘Bezettingsmuseum’ in Riga: zeer indrukwekkend.

Onze vrije dag
Zondag was voor ons een vrije dag. Om twee uur gingen we naar een eucharistieviering-in-het-Engels. Ervoor bezochten we de grootste markt van Europa en erna bekeken we nog een paar mooie plekjes in de stad.

Caritas Letland
Op de middelbare school, waar Pastor Edgar godsdienstles geeft, spraken we op 12 juni met de directrice van de school en met een maatschappelijk werkster, die nu nog bij ‘Marta’ in het project tegen vrouwenhandel werkt, maar gedetacheerd is bij Caritas, waar ze binnenkort een project tegen vrouwenhandel zal begeleiden. Een zeer geëngageerde vrouw. Zij kent veel schrijnende gevallen van slachtoffers.

Terug naar huis
Op de laatste dag van onze reis hadden we geen verplichtingen meer. We konden rustig onze koffers pakken, nog een Russisch Orthodoxe Kerk bezoeken, met de beheerster van het pension afrekenen en ons tegen twaalf uur naar het vliegveld laten brengen.
Rond vijf uur namen we op Schiphol afscheid van elkaar na zeer geslaagde en soms heel vermoeiende dagen.

Gijs Lieffering, medewerker SRTV

terug naar begin


Zomerkamp voor Moldavische slachtoffers vrouwenhandel
Wereldvrouwendag, 8 maart, stond dit jaar in het teken van de ‘reproductieve rechten' van vrouwen (rechten rondom alles wat te maken heeft met voortplanting en seksualiteit). Op dit gebied is nog veel te verbeteren. Elke minuut sterft ergens op de wereld een vrouw aan onnodige complicaties tijdens haar zwangerschap of bij een bevalling. Jaarlijks worden vijftien miljoen meisjes tussen de 15 en 19 jaar zwanger. In vele culturen worden vrouwen besneden (genitaal verminkt) en ieder jaar opnieuw worden duizenden vrouwen verhandeld en gedwongen tot prostitutie.
Wereldwijd neemt het probleem van de vrouwenhandel toe. Ook in Oost-Europa treft armoede vooral vrouwen en dat is een van de redenen dat veel vrouwen uit deze regio in de prostitutie in West-Europa belanden. Steeds weer worden vrouwen met valse beloftes van goede verdiensten en prima banen naar West-Europa gelokt. In sommige gevallen weten vrouwen wel dat het om banen in de prostitutie gaat, maar ze hebben geen idee van de omstandigheden waaronder ze moeten werken en van de dwang en het geweld dat hun in de seksindustrie te wachten staat.

Tot rust komen
La Strada is een internationaal netwerk dat strijdt tegen vrouwenhandel. La Strada in Moldavie organiseerde in 2005 voor het eerst een zomerkamp voor vrouwen die het slachtoffer zijn geworden van vrouwenhandel en gedwongen prostitutie. De vrouwen kunnen tien dagen met hun kind(eren) in een eeuwenoud orthodox nonnenklooster (Varzaresti klooster uit 1420) tot rust komen. Onder begeleiding van sociaal werkers, psychologen, pedagogen en priesters werken de vrouwen aan hun psychische en lichamelijk herstel. Een van de doelen van het verblijf is dat de band tussen de moeders en hun kinderen versterkt wordt. La Strada hoopt zo een bijdrage te leveren aan het opbouwen van zelfvertrouwen en een mogelijk herstel van de band met de kerk en met God.
"...voor mij betekent hier in dit klooster zijn: vrij en veilig zijn. De mensen die in het klooster wonen kunnen je geen pijn doen en ze zullen je nooit de schuld geven voor wat is gebeurd..."

Vandaar KerkinActie

terug naar begin

Vrouwenhandel, de slavernij van het derde millennium
Volgens de Verenigde Naties zijn er in deze eeuw al dertig miljoen mensen als koopwaar verhandeld, onder wie tien miljoen meisjes tussen vijf en vijftien jaar. Tegen hun wil werden ze ondergebracht in de prostitutie. Angst voor hiv/aids doet in het seksmilieu de vraag stijgen naar maagden, hoe jonger hoe liever.

Azië het knooppunt
Azië is het knooppunt van waaruit vele duizenden vrouwen en meisjes worden gekeurd, verhandeld en te werk gesteld in bordelen of onder dwang huishoudelijk werk moeten verrichten bij rijkelui.
Veel van deze vrouwen worden door gewiekste handelaren geronseld in het buitenland, omdat winst pas echt gemaakt wordt met de buitenlandse handel. Daar worden ze vervolgens aan het werk gezet of doorverkocht. Zo werken er in Thailand in de bordelen geen Thaise vrouwen, maar hoertjes uit omringende landen, terwijl ‘Thaise vrouwen dansen in de bars van Japan, Taiwan, Australië en het Midden-Oosten’.
Mensenhandelaren spelen ook vaak de rol van huwelijksmakelaar. Via advertenties worden meisjes ‘op bestelling’ aan een vermogende huwelijkspartner gekoppeld in Aziatische landen en het Midden-Oosten, maar ook in westerse landen waaronder Nederland. In ruil voor eten en onderdak bieden ze een man hun seksuele diensten, huishoudelijke zorg en onderdanigheid aan. ‘Dat ze als persoon niet meetellen, slecht worden behandeld, verkracht, seksueel misbruikt, op de lange duur soms tot prostitutie worden gedwongen, gaat niemand na’.
In Aziatische landen, als bijvoorbeeld Pakistan, kunnen mannen die omwille van hun werk voor een korte of langere periode van hun gezin gescheiden zijn, een vrouw voor een beperkte periode huwen. Met instemming van haar familie en omgeving gaat ze gedurende deze periode met die man naar bed en doet het huishoudelijk werk in ruil voor voedsel, geld en fysieke bescherming.

Omwille van het algemeen welzijn
De vrouwenhandel in Azië is vooral het gevolg van de sociale ongelijkheid in de dorpen van deze vrouwen. ‘In de autoritair patriarchale structuren van hun gezin worden meisjes vanaf hun geboorte gediscrimineerd. Ze worden gezien als een financiële last die alleen voor vreemden rendabel zal zijn. Ouders hebben maar een doel: het meisje uithuwelijken, hoe vroeger hoe beter. Wanneer zich een partij meldt die daarvoor geld wil geven, staan voor de mensenhandel de deuren wijd open’. Halverwege de jaren zeventig van de vorige eeuw, spoorden de grote mondiale financiële organisaties de Aziatische landen aan een toeristenindustrie op te bouwen om hun buitenlandse schulden zo snel mogelijk af te lossen. Voor de rijkelui uit het Noorden werd vooral de seksindustrie een trekpleister. ‘Omwille van het ‘algemeen welzijn’ werden de oude tradities en morele regels vergeten en kneep de overheid een oogje dicht’. Vrouwen en kinderen zijn hiervan het slachtoffer.

De schuldigen straffen en de handel voorkomen
‘Velen zien de vrouwenhandel als een moreel probleem, waarvoor het aan de betrokkenen is om ermee in het reine te komen’. Maar, omdat vrouwenhandel meestal gepaard gaat met bedrog of geweld en de handel in mensen in het algemeen een miskenning is van vooral de rechten van de mens, van het recht op leven en het recht op menselijke waardigheid moet de aandacht bij voorkeur uitgaan naar het milieu en de werkwijze van de handelaren. Zij moeten internationaal worden aangeklaagd en vervolgd. De slachtoffers moeten juist geholpen worden bij de terugkeer naar hun familie of bij het elders opbouwen van een nieuw leven.
Mensenhandel moet echter vooral voorkomen worden. Dat kan door erover te praten, door zoveel mogelijk informatie over mensenhandelaren te verzamelen, door contact te zoeken met particuliere burgerorganisaties en internationale organisaties, door het ondersteunen van initiatieven tegen mensenhandel en door het schrijven van brieven naar de pers en de politiek over wat je hoort, ziet en weet over mensenhandelaren.

Samenvatting van een artikel van de Salesiaanse zuster Philomena D'Souza,
lid van het Forum van Indiase theologen in ID-Woord-Weder-Woord, februari 2006

terug naar begin

Landelijke Campagne Mensenhandel
Schijn bedriegt
Stichting M. (meld misdaad anoniem) is een campagne gestart tegen dwangprostitutie, een zeer ernstige vorm van mensenhandel. Schijn bedriegt is de boodschap.
In diverse advertenties in de media bieden prostituees hun diensten aan. Het is goed mogelijk dat achter zo’n bericht een zeer ernstig misdrijf schuilgaat. Deze dames lijken niet op de andere dames die dit werk vrijwillig doen. Ze zijn angstig en eigenlijk kunnen ze de spannende beloftes maar nauwelijks opbrengen. Zodra het licht aangaat zijn nare blauwe plekken en andere tekenen van mishandeling te zien. Schijn bedriegt in deze gevallen. Grote kans dat de prostituee slachtoffer is van deze dwangarbeid.

Veilig melden
In 2004 kwamen bij de politie 604 signalen van gedwongen prostitutie binnen. De Stichting tegen Vrouwenhandel (STV) kreeg in datzelfde jaar 405 meldingen van vermoedelijke slachtoffers. De verhalen staan dus niet op zich. Deze aantallen zouden nog wel eens veel hoger kunnen liggen. Vaak durven mensen geen aangifte te doen bij de politie. Klanten willen niet dat hun prostitutiebezoek bekend wordt of betrokkenen zijn bang voor hun eigen veiligheid. Daarom kan melden via M. een goed en veilig alternatief zijn.

Klanten helpen politie tegen vrouwenhandel
Sinds januari 2006 kunnen klanten die misstanden constateren, bellen met de tiplijn Meld Misdaad Anoniem. De overheid probeert de klanten op allerlei manieren te bereiken, ook via de website hookers.nl.
Een van de klanten meldt dat hij zelden twijfels heeft gehad bij de prostituees die hij bezocht. ‘Een keer heb ik een meisje gevraagd of ze slachtoffer was van mensenhandel. Maar dat ontkende ze. Ik denk dat ze oprecht was; de meeste vrouwen doen dit vrijwillig.’
Nationaal rapporteur mensenhandel Dien Korvinus heeft een andere kijk op de prostitutie. ‘Er werken in Nederland ten minste 3500 vrouwen gedwongen in dit vak; en dat is nog een voorzichtige schatting.’ Ze is blij met de nieuwe campagne. ‘Ik pleit daar al vier jaar voor.’
Mannen moeten geen seks hebben met prostituees die worden gedwongen, vindt de rapporteur. ‘Dat is laakbaar’. Maar het is niet strafbaar, ook niet als een klant aanwijzingen heeft dat zij niet vrijwillig in het vak zit.
Enkele politieke partijen willen dat het wel strafbaar wordt, maar Korvinus vindt dat eerst goed moet worden nagedacht over de voor- en nadelen daarvan. ‘Van alle tips over gedwongen prostitutie komt 15 procent van klanten. Als je de wet verandert, raak je een belangrijke bron van informatie kwijt. Veel meldingen zullen te vaag zijn om daders te pakken. Maar we moeten dit proberen.’

De politie erkent dat het moeilijk wordt daders te pakken. ‘Ik deel de zorg van mevrouw Korvinus’, zegt Ted Peer, landelijk coördinator prostitutie bij de politie. ‘Veel vrouwen durven geen aangifte te doen; daardoor is het lastig te bewijzen dat ze worden gedwongen. Maar we zullen alle tips serieus bekijken.’

Meer informatie is te vinden op de website: www.meldmisdaadanoniem.nl/

terug naar begin

Vrouwensynode 2006
Tijdens de Oecumenische Vrouwensynode in Roosendaal waren vrouwen uit alle delen van Nederland bijeen. Hoewel de NS ons in het bereiken van de locatie in de steek liet, werd het een zeer goede bijeenkomst. Het thema van de dag was: ‘Hoop die niet sterven wil’.
Een van de programmaonderdelen was een workshop over vrouwenhandel. Aan deze workshop, georganiseerd door vrouwen van het Vriendinnenproject Oost Europa, werkte de SRTV ook mee.
De workshop was opgezet als busreis. De deelnemers kwamen binnen als passagiers in een bus van Eurolines.
Deze busonderneming (die werkelijk bestaat) vertrok in Sofia en kwam aan in Amsterdam. Alle ‘passagiers’ kregen een paspoort mee waarin gespreksonderwerpen werden aangeboden: waar kom je vandaan, waar ga je naar toe, welk toekomstbeeld staat je voor ogen.
De ‘passagiers’ deden goed mee. De hoopvolle verhalen van vrouwen die naar het westen reizen op zoek naar een betere toekomst waren niet van de lucht.
Halverwege de ‘reis’ kwamen mensen van de SRTV de bus binnen om vrouwen te waarschuwen tegen de gevaren van vrouwenhandel. Daarna ontspon zich een levendige discussie over handel in vrouwen en de hoop van vrouwen op een beter leven.

Ivonne van de Kar

 

terug naar begin

 

 

 

 

 

 

 


Lustrum SRTV
In 2006 viert de SRTV haar vijftienjarig bestaan. Het werk van de stichting werd in 1991 begonnen door religieuzen als Werkgroep Religieuzen Tegen Vrouwenhandel. Vanaf de oprichting is het werk uitgevoerd door religieuzen van verschillende congregaties en door mannen en vrouwen die vanuit diezelfde inspiratie werken.

Ter gelegenheid van dit lustrum zal gedurende het hele jaar een aantal activiteiten georganiseerd worden die zowel tot doel hebben om de jubilerende SRTV, als haar specifieke rol op het gebied van preventie tegen vrouwenhandel in de schijnwerpers te zetten. Hiermee wil de SRTV extra aandacht te vragen in de strijd tegen vrouwenhandel en de hieruit voorkomende gedwongen prostitutie.

Agenda voor 2006
• 8 maart Internationale Vrouwendag en start van de schrijfactie
• 6 april Dag voor besturen van congregaties, kerkleiders en (oud) medewerkers
Tentoonstelling 15 jaar SRTV en haar activiteiten.
• 24 oktober Symposium voor ‘binnenlandse netwerk’ (o.a. politie, justitie en andere
organisaties die direct met verhandelde vrouwen te maken hebben.
• December Extra jubileum uitgave van Verhandelingen en Transactions

terug naar begin

MTV en Oekraïense rockers tegen mensenhandel
MTV, de populaire televisiezender voor muziek, zal in samenwerking met IOM Oekraïne* een speciaal programma maken waarin aandacht wordt geschonken aan de Oekraïense Rockers ‘Okean Elzy’. Met hun optreden willen zij mensen in de Oekraïne bewust maken van het probleem vrouwenhandel.
In dertig steden in de Oekraïne hebben zij concerten gegeven. In het tv-programma zullen gedeeltes van deze optredens te zien zijn samen met interviews met de popgroep, met Oekraïense organisaties tegen mensenhandel, met hoogtepunten van het uitgaansleven in Kiev en toeristische tips.

Aan de ruim 100.000 bezoekers van de concerten werd informatie uitgedeeld over de wijze waarop men zich kan beschermen tegen handelaars wanneer men naar het buitenlandland gaat om te reizen, studeren of werken. Binnenkort zal deze tour gevolgd worden door een bewustwordingscampagne op televisie tegen mensenhandel.

Meer informatie is te vinden op website: www.mtvexit.org
*IOM= Internationale Organisatie voor Migratie

terug naar begin

SRTV op bezoek in Amsterdam
Op donderdag 8 december kwamen alle medewerkers van de SRTV bijeen in Amsterdam voor een gezellige vergadering op het Begijnhof waar een van de medewerkers woont.
De groep werd in drieën gesplitst en ging op bezoek bij Amsterdamse organisaties die eveneens werken tegen vrouwenhandel.
De eerste groep bracht een bezoek aan de Rode Draad die ongeveer twintig jaar geleden werd opgericht, met onder andere als doel de emancipatie van de prostituee bevorderen. De stichting helpt ook vrouwen die uit het vak willen stappen en een nieuw bestaan opbouwen. Men signaleert ook de problemen rond vrouwenhandel en de nieuwe trends daarin. Het laatste fenomeen zijn Chinese massagesalons die momenteel dienen als dekmantel voor illegale prostitutie.
Verder richt men zich op het veldwerk. De medewerkers bezoeken bordelen om onrechtvaardigheden op ieder vlak te signaleren. Zij praten met de prostituees en hebben informatie bij zich in verschillende talen. Zij presenteren zich als belangenbehartiger van de doelgroep en zijn mede hierdoor niet altijd welkom in een bordeel.
Uiteraard worden veel misstanden geconstateerd. Vooral bij prostituees uit Oost-Europa is er vaak sprake van afpersing, misbruik en dwang.
Vanuit de Rode Draad wordt wekelijks aan veldwerk gedaan en worden vrouwen op ludieke wijze benaderd, met een pepermuntdoosje waarin een verpakte boodschap zit of met een verzorgingssetje dat contactadressen en boodschappen in allerlei verschillende talen bevat.

Na een uitgebreide wandeling over de wallen bezocht een tweede groep het Scharlaken koord. Deze organisatie maakt onderdeel uit van de organisatie ‘Tot Heil des Volks’ die ongeveer 150 jaar geleden werd opgericht door Ds. de Liefde. Het Scharlakenkoord is gevestigd midden op de wallen en fungeert onder andere als huiskamer voor Spaanstalige prostituees. De huiskamer dient verder voor bijeenkomsten van (bekeerde en/of gelovige) prostituees, die uit het vak willen stappen. Met behulp van diverse instanties worden zij verder geholpen en krijgen o.a. een weerbaarheidstraining.
Drie keer per week gaan twee personen van het Scharlaken Koord de wijk in om prostituees te bezoeken. Verder hebben zij een uitstapprogramma voor prostituees ontwikkeld en geven ze voorlichting op scholen over loverboys. Al dit werk gebeurt vanuit hun christelijke levensvisie.

De derde groep SRTV-ers ging op bezoek bij Gemeenschap Oudezijds 100, een woon- werk- en bidgemeenschap. Het is een ‘vrolijk open klooster’ met een oecumenische leefgemeenschap van mannen en vrouwen. Er vinden verschillende activiteiten plaats. Zo wordt in de gemeenschappelijke woonkamer (kajuit) algemeen maatschappelijk werk aangeboden, worden in het Gasthuis wel vijftig mensen in een crisissituatie opgevangen en wordt op de kruispost medische en psychosociale zorg geboden voor onverzekerden.

Na afloop kwamen alle groepen weer bijeen voor een gezellige afsluitende maaltijd in hartje Amsterdam. Het was al met al een enerverende, informatieve en inspirerende dag voor alle medewerkers van de SRTV.

Ivonne van de Kar, medewerker SRTV

terug naar begin

SRTV schrijfactie
Tijdens de Internationale Vrouwendag op 8 maart 2006 is de schrijfactie van de SRTV van start gegaan. Eén van de doelstellingen van de SRTV is preventie en bewustwording in de landen waar de vrouwen vandaan komen. Al jarenlang waarschuwt deze stichting door middel van informatiemateriaal tegen het gevaar dat vrouwen lopen bij migratie naar West Europa. Deze folders zijn al vertaald in negenenveertig talen.

In de beginjaren heeft de SRTV contacten gelegd met communiteiten van verschillende congregaties in het buitenland. Op deze manier werden de waarschuwingsfolders verspreid en zo kwam een groot internationaal netwerk tot stand. Het vijftienjarig bestaan van de SRTV is als een goede gelegenheid om de folders opnieuw onder de aandacht te brengen.

Regelmatig klinkt de vraag van oudere religieuzen wat zij nu nog kunnen doen tegen vrouwenhandel met hun beperkte energie en mobiliteit. Het is juist deze groep met al hun contacten in binnen- en buitenland waarmee wij zo graag in contact komen.

Medewerkers van de SRTV gaan naar communiteiten in het hele land om samen met religieuzen een brief te sturen naar hun mede zusters en broeders om de problematiek van vrouwenhandel uit te leggen. Het zijn vaak de persoonlijke contacten die een groot effect kunnen hebben.

Mocht u geïnteresseerd zijn om deel te nemen aan deze schrijfactie neem dan contact op met de SRTV. Er zijn verschillende mogelijkheden:
• u schrijft thuis en ontvangt van ons de benodigde brieven en folders
• u komt naar Den Bosch om te schrijven tijdens een van de schrijfmiddagen
• een medewerker van de SRTV komt naar uw communiteit om te vertellen over vrouwenhandel en brengt alle materialen voor de schrijfacties mee

De SRTV heeft een brief opgesteld die u kunt gebruiken en kunt voorzien van een persoonlijk woordje. Deze brief is beschikbaar in het Nederlands, Engels, Frans, Spaans, Duits en Indonesisch. De mee te sturen folders zijn via www.srtv.info te downloaden of aan te vragen bij het kantoor in Den Bosch.

Elma van den Nouland, medewerker SRTV

 

terug naar begin

 

 

 

 


Viering Vijftien jaar Religieuzen Tegen Vrouwenhandel
Op donderdag 6 april jl. vierde de Stichting Religieuzen Tegen Vrouwenhandel haar vijftienjarig bestaan met een symposium voor congregaties, (oud)medewerkers en genodigden, dagvoorzitter was mw. Wies Stael-Merkx.
Speciaal voor deze gelegenheid werden 2 sprekers uit het buitenland uitgenodigd, zuster Florence Nwaonuma die in Nigeria een opvanghuis heeft en Zr Eugenia Bonetti uit Italië die in Rome straatprostituees helpt.

Zuster Florence
In 1999 hebben de Nigeriaanse Vrouwelijke Hogere Oversten(NCWR), het initiatief genomen tot het oprichten van een Comité Ter Ondersteuning van de Waardigheid van Vrouwen (COSUDOW).
“Het was de slavernij, de seksuele uitbuiting, de gedwongen arbeid en de onmenselijkheid van mens tot mens, ondervonden door onze vrouwen en kinderen in handen van hun pooiers, die de leiders van de NCWR aanzette een project te beginnen waar rechtstreeks gewerkt zou met verhandelde vrouwen en kinderen om de verloren waardigheid en persoonlijkheid van deze slachtoffers te herstellen.
De Commissie is sinds de oprichting in de voorste linies geweest in de strijd tegen Vrouwenhandel in Nigeria, werkend aan rehabilitatie en integratie van teruggekeerde slachtoffers van deze moderne slavernij.”

Dit gebeurde in navolging van het werk dat de Religieuzen in Nederland hadden gestart, zo vertelde zuster Florence. Zij werd door de oversten gevraagd deze taak op zich te nemen en zo begonnen ze. De waarschuwingsfolder die in Nederland gemaakt was diende als voorbeeld voor hun eigen Nigeriaanse versie. Het kleine groepje, 3 zusters en twee medewerkers, geeft voorlichting in Nigeria aan vrouwen, mannen en jongeren op de meest uiteenlopende plaatsen. Hun acties bereiken ook de mensen op marktplaatsen, fietstaxichauffeurs (plaatselijk in Nigeria Ökada” genoemd.) en binnen- als buitenlandse chauffeurs. De zusters bezoeken ‘mannen-gelegenheden’ (cafés) en kleine zelfstandigen als kappers, kleermakers en boeren. Het is noodzakelijk de afgelegen dorpen te bereiken omdat de handelaren en hun tussenpersonen naar het achterland gaan om daar hun nietsvermoedende slachtoffers te werven.

De zusters houden zich ook actief bezig met het reïntegreren van teruggekeerde slachtoffers. Ze halen de, vaak nog erg jonge, meisjes op van het vliegveld of het busstation, bieden hen een tijdelijk onderkomen aan in een van hun eigen leefgemeenschappen en beginnen aan het soms jarenlange proces om het meisje weer in contact te brengen met haar dorp en haar familie. Vrijwel altijd wordt dit proces bemoeilijkt doordat de meisjes, vóórdat ze verhandeld werden, door een voodoopriester dusdanig beïnvloed zijn dat psychische beschadigingen eerder regel dan uitzondering zijn.
De zusters denken er nu over om een echt opvanghuis te beginnen, waar ze deze jonge vrouwen een veilige plaats kunnen bieden en samen met hen kunnen gaan werken aan een langzame genezing van de diepe lichamelijke en psychische wonden die deze meisjes opliepen tijdens hun verblijf in Europa.

Zuster Eugenia
De tweede spreekster deze dag was zuster Eugenia Bonetti uit Rome. Deze kleine, niet meer zo jonge maar zeer gedreven zuster brak tijdens haar toespraak een lans voor meer samenwerking tussen de verschillende congregaties die op het gebied van mensenhandel actief zijn.
“Vandaag wil ik u graag vertellen over de toewijding en de inzet van vele vrouwelijke religieuzen. Hoe zij een antwoord proberen te vinden op de hopeloze toestand van verhandelde meisjes en vrouwen, die als gebruiksvoorwerpen voor de ‘seksmarkt’ geïmporteerd en geëxporteerd worden over de hele wereld. Laten we eerst maar eens erkennen, dat die ‘slavernij’ nog steeds bestaat in het jaar 2006. Vervolgens moeten we begrijpen dat alleen door samenwerking deze plaag kan worden verslagen en uitgeroeid.”

Wij leven hier in het westen in een welvarende samenleving waarin met geld alles gekocht kan worden, zelfs het lichaam van een minderjarige.
Vrouwelijke religieuzen waren ongeveer de eersten die dit ‘nieuwe teken van deze tijd’ herkenden. Toen meisjes wegliepen van hun handelaar en om hulp vroegen, namen verschillende kloosters een ongekend risico om deze meisjes op te vangen. De zusters kregen te maken met veel problemen: taal- en cultuurbarrières, morele vragen, de publieke opinie en de wet. Na de dramatische verhalen gehoord te hebben, begrepen de zusters al snel dat het ‘werk’ als prostituee - nog steeds ’s werelds oudste beroep genoemd - niet een vrije keuze was, dat dit slachtoffers zijn van een nieuwe vorm van slavernij. “Dit betekende een uitdaging voor onze normen en waarden, ons leven, onze tradities en onze veiligheid. Op dit moment werken 250 zusters uit 70 congregaties in 110 opvanghuizen in Italië.”

De Italiaanse zusters doen echter nog veel meer, ze geven voorlichting, praten met de ‘meisjes in de straat’ en beïnvloeden parlementariërs. Bovendien proberen ze andere religieuzen in te laten zien dat religieus leven in het derde millennium inhoud dat het kwaad van deze tijd, de internationale vrouwenhandel, gestopt moet worden. Dat is, zo zegt zuster Eugenia, het charisma van religieuzen van deze tijd. Mede daarom hebben zij enkele initiatieven gestart:
Een educatieve map tegen mensenhandel voor religieuze communiteiten, seminaries, scholen, parochies en jongerengroepen. Deze map is beschikbaar in zes talen: Engels, Italiaans, Spaans, Frans, Pools en Roemeens. Portugese en Duitse mappen zijn in voorbereiding.
Een trainingsprogramma voor vrouwelijke religieuzen over mensenhandel werd in 2004-2005 verzorgd in: Italië, Nigeria, Albanië, Roemenie, Thailand en de Dominicaanse republiek. Dezelfde cursus staat gepland in Brazilië, de Filippijnen en Portugal.

“Ik ben blij vandaag met u de vijftiende verjaardag te mogen vieren van een klein zaadje dat werd geplant door enkele moedige vrouwelijke religieuzen. Het waren vrouwen die bezorgd waren over de mensenrechten en de waardigheid van zovele vrouwen die toch ‘geschapen naar het evenbeeld van God, worden behandeld als slaven’. Dat kleine zaadje groeide uit tot een grote boom, waaronder vele jonge vrouwen een schuilplaats hebben gevonden toen ze op zoek waren naar nieuwe levensvreugde.”

Gebedsviering
Na deze inspirerende lezingen toog het hele gezelschap naar de kapel voor een gebedsviering, voorgegaan door drie vrouwen van de SRTV.
Iedereen was erg blij dat Joke den Dulk en Zr. Michel Keesen, mede oprichters van de SRTV, aanwezig konden zijn.
De viering stond in het teken van de steen. De lezing kwam uit het evangelie van Johannes (8,1-11) waarin de Farizeeërs en schriftgeleerden een overspelige vrouw naar Jezus toe brachten. Ze wilden haar, zoals de wet het hen vroeg, stenigen. Ze stelden hem op de proef om te zien of ze hem konden aanklagen. Echter Jezus bukte en schreef met zijn vinger op de grond. Hij zei: ‘Wie van jullie zonder zonde is, laat die als eerste een steen naar haar werpen.’
Toen allen een voor een vertrokken waren zei hij tegen de vrouw: Heeft niemand u veroordeeld?’ ‘Niemand Heer.’ zei ze. ‘Ik veroordeel u ook niet,’ zei Jezus.’Ga naar huis, en zondig niet meer.’
Hierop volgde de overweging door SRTV-medewerker ds. Lideke in ’t Veld. In haar meditatie kwam naar voren dat de vrouw in dit evangelie zwijgt, dat haar niets gevraagd wordt. Net als verhandelde vrouwen nu. Jezus neemt de vrouw serieus en zegt tegen haar ga heen en zondig niet meer, het was immers wel een zonde die ze beging. Echter hij veroordeelde haar niet en liet haar in haar waarde. Het is moeilijk om een vreemde situatie zonder vooroordelen te bekijken. Iedereen zou moeten bedenken of zij zelf zonder zonde zijn. Aan alle aanwezigen werd een steen uitgereikt met de vraag: Hier is een steen, bedenk, indachtig de tekst van het evangelie of u deze steen wilt gooien……

Middagprogramma
Na een goed verzorgde lunch was er gelegenheid de fototentoonstelling ‘Vijftien jaar Religieuzen Tegen Vrouwenhandel’ te bekijken. Daarna werd de groep in acht workshops verdeeld om te bespreken hoe wij als christenen het voorbeeld van Jezus kunnen volgen. Plenair werden naderhand enkele resultaten van de workshops besproken. Zo vond een groep dat ook ‘tot tien moeten tellen’ voor we oordelen, misschien was dat wat Jezus deed toen hij op de grond schreef. Een andere groep kwam met het voorstel een brief aan de politiek te schrijven met daarin het verzoek slachtoffers van vrouwenhandel humaner te behandelen in Nederland.

Tot slot van de dag sprak Mw. Korvinus, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel. Ze begon haar toespraak met een aangrijpend persoonlijk verhaal waarna ze vertelde wat haar bureau doet, welke onderzoeksgegevens ze publiceren en dat haar organisatie de enige is in Europa die daadwerkelijk betrouwbaar cijfermateriaal verzamelt voor verder onderzoek.
Na afloop van haar toespraak kreeg Mw. Korvinus een stempel van de campagne ‘zet vrouwenhandel buitenspel’ waarover u elders in dit blad meer kunt lezen.

Ivonne van de Kar en Elma van den Nouland, medewerkers SRTV

terug naar begin

De SRTV pleit er al sinds haar oprichting voor dat vrouwenhandel nauwelijks los gezien kan worden van religie. Vrouwen waar het om gaat hebben vaak zeer sterke religieuze gevoelens, in de landen waar ze vandaan komen speelt religie vaak een belangrijke rol en religieuze leiders kunnen een grote rol hebben in voorkoming van vrouwenhandel.
De rol van de religie werd in de Nederlandse seculiere samenleving jaren lang niet onderkend. Nu heeft het ministerie van ontwikkelingssamenwerking ‘ontdekt’ dat religie in het beleid betrokken moet worden voor een beter resultaat.

Religie niet om zieltjes te winnen, maar om levens te redden
De rol die religie kan spelen in internationale samenwerking is in Nederland een blinde vlek. Minister Van Ardenne voor Ontwikkelingssamenwerking vindt dat het taboe op religie in relatie tot het Nederlands ontwikkelingsbeleid moet worden doorbroken. “Willen we mensen uit de armoede halen, en willen we dat mensenrechten wereldwijd worden gerespecteerd, dan moeten we in ons ontwikkelingsbeleid ons ook rekenschap geven van religieuze en culturele waarden. Niet om zieltjes te winnen, maar om levens te redden”, aldus Van Ardenne tijdens de internationale conferentie over religie, mensenrechten en ontwikkeling. Met het nieuwe Kennisforum Religie en Ontwikkelingsbeleid wordt een nieuwe impuls gegeven aan de dialoog met ontwikkelingslanden over de rol van religie binnen het onderwijs, de gezondheidszorg, maar ook over de rol van religie bij het bevorderen van vrede en veiligheid. Zowel beleidsmakers van Ontwikkelingssamenwerking als vertegenwoordigers van ontwikkelingsorganisaties zullen aan het nieuwe Kennisforum deelnemen.

In het maatschappelijk klimaat vandaag de dag wordt religie eerder gezien als probleem, terwijl het juist een deel kan zijn van de oplossing. Het belang van religie en religieuze leiders als het gaat om de bestrijding van armoede en het oplossen van conflicten wordt ten onrechte miskend. Immers, het waren de Wereldraad van Kerken en de Verenigde Afrikaanse kerken die in 1972 een staakt-het-vuren wisten te forceren in de burgeroorlog in Soedan. En ook het recente initiatief van de voorzitter van de Aya Sofya moskee in Amsterdam om een protocol tegen radicalisme te tekenen, laat zien dat religieuze organisaties en hun leiders een positieve bijdrage kunnen leven aan een vreedzame wereld.

Het nieuwe Kennisforum moet ervoor zorgen dat wetenschappers, beleidsmakers en de werkers in het veld, de maatschappelijke organisaties, in Nederland hun kennis en ervaring op het gebied van religie en ontwikkelingssamenwerking verder opbouwen en uitbreiden. Uitwisseling van die nieuw verworven kennis en ervaring zal de kwaliteit en effectiviteit van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid, zowel van de overheid als van maatschappelijke organisaties, verbeteren. Nederlandse ambassades in ontwikkelingslanden zullen het belang van religie en de rol van religieuze organisaties een plaats moeten geven in de uitvoering van het Nederlands ontwikkelingsbeleid.

Ministerie van Buitenlandse Zaken, 7 september 2005

terug naar begin


De verhuizing van het Emmaplein naar de Sint Janssingel
Op 22 september kwamen drie vrachtwagens voorrijden om de SRTV en de Nederlandse Missieraad met al hun spullen te verhuizen naar het nieuwe onderkomen in klooster de Mariënburg van de zusters JMJ in Den Bosch.
Er was in de weken daarvoor al erg veel werk verzet door de medewerkers en de staf. Wat in de kasten stond was al systematisch onderzocht en goed gesorteerd in verhuisdozen gedaan. Een van de kantoorruimten die al leeg was, stond volgepakt met alle dozen met stickers erop.

Het werk moest uiteraard gewoon doorgaan en regelmatig moest nog iets uit “die onderste doos” gehaald worden! Gelukkig kunnen we wel iets hebben en we hadden nog ervaringen van de vorige verhuizing!
Op de verhuisdag werden er twee liften buiten tegen de muur gemonteerd. Alle dozen, stoelen, tafels bureaus en kasten gingen naar beneden in een vrachtwagen.
De activiteiten begonnen ‘s morgens rond 08.00 uur met koffie voor de verhuizers en rond 12.00 uur was alles boven zo’n beetje weg!
Met enkele medewerkers waren we al naar de Mariënburg gegaan. Daar werden we welkom geheten met koffie en thee en koekjes. Ook voor de verhuizers werd goed gezorgd! We merkten dat we welkom waren. Dat voelde goed.
Die middag werd het meest noodzakelijke al in elkaar gezet, bureaus, pc’s, en telefoons. Nog een weekje zijn er velen bezig geweest om alles weer gestroomlijnd te laten werken en het resultaat mag gezien worden!
Op de 28ste september kwamen als eersten de zusters en medewerkers van de Mariënburg kijken. Vrijwel alle zusters kwamen om te zien hoe we hun voormalige noviciaat gebruikten. Onder het genot van een borreltje een hapje en een toespraak konden we hen zeggen dat we ons welkom voelden.
Daarna was er een rondleiding door alle mooi opgeknapte ruimten die we in gebruik genomen hebben. Het was een leuke en gezellige ontmoeting en nu weten de zusters en de medewerkers wie we zijn en wat we doen.

Yos Appelhof, medewerker SRTV

terug naar begin


Illegale escorts bij controle
VELDHOVEN - Een escortbedrijf uit de Kempen en een zelfstandige 29-jarige escortdame uit Eindhoven moeten justitie enkele duizenden euro’s boete betalen omdat ze zonder de vereiste vergunning werkten. Een escortbureau uit Eindhoven raakt binnenkort zijn vergunning kwijt omdat het voor de tweede keer dit jaar niet voldoet aan de wettelijke eisen.

Eindhovens Dagblad, 15-10-2005 13:02

terug naar begin

Kamer wil meer werk van aanpak mensenhandel
De Tweede Kamer vindt dat minister Donner van Justitie meer moet doen om mensenhandel te bestrijden. Uit diverse recente rapportages, onder meer van de Rode Draad, doemt een beeld op van wantoestanden en mensonterende situaties, onder meer in de seksindustrie. Daar zijn vooral vrouwen uit het buitenland het slachtoffer van mensenhandelaren.

Ook Donner vindt de situatie zorgelijk, maar hij zei dinsdag in de Tweede Kamer dat er vooruitgang is geboekt de afgelopen paar jaar. Daartoe zijn allerlei actieplannen opgesteld die nu resultaat opleveren, blijkt uit de politiemonitor. Zo is er meer bereidheid onder slachtoffers om aangifte te doen. In 2004 deed 45 procent van 450 geregistreerde slachtoffers dat.

De PvdA, SP en GroenLinks willen dat Donner meer compassie toont met de getroffen vrouwen en de gemeenten aanspoort om binnen hun grenzen mensenhandel en illegale prostitutie intensiever aan te pakken. Maar volgens Donner moeten gemeenten het zelf doen. 'Het gaat soms niet zo snel als we willen. Het is een kwestie van de lokale democratie om prioriteiten te stellen.'

De PvdA wil dat er een landelijk wettelijk kader komt voor de escortbranche, omdat die niet gebonden is aan een locatie. De Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG) is het daar ook mee eens. Maar Donner denkt niet dat een wet de oplossing is voor het probleem. Bovendien verweet hij de VNG dat ze zelf niet eens een register wil aanleggen van escortbedrijven.

Het CDA was blij met het convenant dat de bewindsman heeft gesloten met de dagbladsector om seksbedrijven te vragen hun btw- of vergunningnummer in de advertentie te vermelden. Zo kunnen klanten zien of een bedrijf bonafide is. Volgens CDA-Kamerlid De Pater is dat een doorbraak, omdat het vooral gaat om een moreel appèl op de klant. Donner hoopt volgend jaar dezelfde afspraken te maken met de huis-aan-huisbladen en de internetproviders.

De VVD wil dat binnen de Europese Unie meer samengewerkt wordt om mensenhandel effectiever aan te pakken. Verder wil de partij dat Donner signalen onderzoekt dat kinderhandel plaatsvindt om in Nederland kinderbijslag op te strijken.

Reformatorisch Dagblad 28/9/2005

terug naar begin

Knap onderzoek naar vrouwenhandel van Ruth Hopkins
Toen journaliste Ruth Hopkins in 2000 een bordeelhouder interviewde, vertelde hij dat hij 'vrouwtjes kocht' om zijn - legale - bordeel draaiende houden. “Hoe kun je mensen kopen?” vroeg ze zich af. En beet zich in het onderwerp vast.

Moderne slavernij
Çelal liet de 13-jarige Yulia weten dat verzet geen zin had. “Hij sloeg me zo hard met een riem dat ik flauwviel”. In de Utrechtse nieuwbouwwijk kwamen en gingen de klanten avond aan avond. Soms brachten Çelal en een andere man haar naar de tippelzone."
Hopkins (1973) onderzocht het onderwerp vrouwenhandel vanaf dat eerste gesprek in 2000 met ijzeren volharding. Ze legt in haar boek 'Ik laat je nooit meer los' de ten hemel schreiende situatie van de slachtoffers bloot. Sinds halverwege de jaren negentig komen vrouwen uit het voormalig Oostblok naar Nederland om het tekort aan prostituees aan te vullen. Soms weten ze dat ze de prostitutie ingaan, soms ook worden ze gelokt door mensensmokkelaars met de belofte van een baantje in de horeca.
'Het meisje, de vrouw, de handelaar en de agent' luidt de ondertitel, naar de vier 'hoofdpersonen' in het boek. Hopkins brengt het onderwerp overtuigend tot leven met hun persoonlijke verhalen, aangevuld met uitvoerig feitenonderzoek. Dapper stapt ze op iedereen af: pooiers, criminelen, op wraak beluste familieleden van de ontsnapte meisjes in door armoede geteisterde dorpjes.
Wie dit boek leest kan er niet omheen dat een groot deel van de prostitutie in Nederland niets anders is dan moderne slavernij en dat de prostituees, zelfs als ze meewerken in politieonderzoek, nauwelijks bescherming krijgen van de Nederlandse overheid - laat staan een verblijfsvergunning. Slachtoffers van vrouwenhandel worden veelal opgepakt, vastgezet en teruggestuurd. En dit speelt zich allemaal letterlijk om de hoek van ieders huis af.

Uitgebreid onderzoek
Hopkins komt uitgezette vrouwen op het spoor en bezoekt hen (meermalen) in hun thuisland. De Bulgaarse Yulia, bijvoorbeeld, die nog maar dertien was toen ze door haar moeder aan een Nederlands Romagezin in de Amsterdamse Bijlmer werd verkocht, om te trouwen met de zestienjarige zoon des huizes. Yulia is opstandig en wordt weer doorverkocht aan een Utrechts echtpaar dat haar als prostituee laat werken.
Als ze probeert te vluchten bewerkt de man haar met een gloeiend heet mes en drukt sigaretten uit op haar been. Ze slaat met haar handen een ruit stuk, ontsnapt en doet aangifte bij de politie. Die vindt haar verhaal tegenstrijdig. Ze wordt zonder enige vorm van begeleiding teruggestuurd naar Bulgarije. Yulia is dan vijftien, en vijf maanden zwanger.
Hopkins vertelt ook het verhaal van Silda, die terug in haar thuisland Albanië weer broedt op een uitweg uit de armoede. Desnoods weer met hulp van de mensensmokkelaars die haar al een keer zo wreed hebben uitgebuit.

Heldere analyses
En dan is er nog de Nieuwegeinse bordeelhouder Sony die samenwerkt met Oekraiense mensensmokkelaars. In zijn bordeel hebben de gekochte vrouwen een lagere status dan de Nederlandse prostituees. Ze moeten al hun verdiende geld inleveren bij de Russische maffia.
Van het viertal uit de titel is de agent het geweten. Ron is zedenrechercheur op de Amsterdamse Wallen, waar hij op dat moment vooral bezig is met een groep Turkse vrouwen die op gewelddadige wijze wordt mishandeld. Hij uit zijn onvrede over het gebrek aan daadkracht bij de politie. En wordt overgeplaatst.
Hopkins' analyses verhelderen veel. De 'slachtoffers' vluchten als ze zijn opgepakt door de politie vaak terug naar de mensenhandelaren. Of ze gaan, eenmaal bevrijd, toch weer de prostitutie in. En de mensenrechtenorganisaties, de politie en de politiek weten niet goed wat ze daarmee aan moeten. Als een vrouw gered is, moet ze de kans op een deugdzaam leven met beide handen aangrijpen, vinden zij. Maar zo werkt de wereld niet, dat laat Hopkins overtuigend zien. Hoe meer het rijke Europa de migrante probeert tegen te houden, des te wanhopiger de pogingen om toch de armoede te ontvluchten, desnoods als prostituee, met een vals paspoort of met hulp van wrede mensensmokkelaars.

Stellig oordeel
Jammer genoeg stopt Hopkins daar niet. Wat volgt is een reeks stellige veroordelingen. Het Nederlandse beleid deugt helemaal niet, de oppositie doet ook niets, hulporganisaties falen, Cohen 'veegt zijn stoepje schoon', enzovoort. De nuance waarmee de journaliste de complexe wereld van de vrouwenhandel wist te analyseren, is dan opeens zoek. Begrijpelijk, maar zonde: het was sterker geweest niet zo te drammen maar de lezer zelf zijn of haar conclusie te laten trekken.

Dorien Pels, Trouw, 19 november 2005
Ruth Hopkins: Ik laat je nooit meer gaan –
het meisje, de vrouw, de handelaar en de agent.
ISBN 9044505424; 256 blz. € 19,90 euro

terug naar begin


Nieuwe medewerker gevonden in Malawi
Regelmatig kunt u in ons blad berichten lezen van Zr. Raymunda in Malawi. Ze geeft enthousiast voorlichting op vele scholen en is in verband met haar terugkeer naar Nederland volgend jaar op zoek naar een vervangster voor haar werkzaamheden.

Beste vrienden,
Weer even een update op mijn vorige brief want ik dacht het een goed idee jullie op de hoogte te houden van de ontwikkelingen hier.

Ik heb contact gehad met een Malawische zuster hier en ze stond er positief tegenover om wat tegen vrouwenhandel te doen.
Het is een groot probleem en komt –vanwege de armoede – steeds meer in eigen land voor, al is de “trafficking “ alleen maar van Noord naar Zuid en andersom.
Daarna hebben we samen een werkvergadering gehad waarin ik haar heb uitgelegd over het hoe en waarom , en mijn wijze van werken ( die ook anders mag )
Ze is bereid en enthousiast om – op de plaatsen waar ze zelf haar eigen taak doet – input en informatie te geven tegen vrouwenhandel.
De plaatsen waar ze werkt liggen in het midden van het land dus een prachtige gelegenheid om ook daar meisjes en jonge vrouwen te waarschuwen.
De plaatsen zijn; Lilongwe; Salima; Kasungu; Mzimba; Dedza; Mchinje ;Nkhota-Nkhota
Ik heb haar een “starterspakket” gegeven van ;
• 100 Chichewa folders;
• 100 Engelse folders;
• 5 geschilderde doeken als lesmateriaal , geschilderd van jullie waarschuwingsfolder met bijbehorende notities;
• 2 mappen , een om de correspondentie in te doen , een om “TRANSACTIONS” in te bewaren.

We hebben afgesproken dat we weer bij elkaar komen over twee maanden voor een evaluatie en dat ik intussen hier doe wat ik kan. We zullen dan ook een begroting proberen op te stellen voor de komende drie jaren , maar daar is het nu nog te vroeg voor.
Het contact met het Noorden is niet eenvoudig maar we geven de moed niet op.
Beste mensen , dat is het voor zover. Een rapport over de rest van de activiteiten komt later , maar ik vond dit goed nieuws dus wilde ik het ook meedelen.
Heel veel hartelijke groeten en succes met uw werk.

Zr. Raymunda van Velzen.

terug naar begin

Maakt het waar! Armoede de wereld uit!
Make Poverty History, de Witte Mars tegen armoede
Op 2 juli 2005 werd in Edinburgh, Schotland een grote demonstratie gehouden om aandacht te vragen voor de armoede in de wereld. Namens de SRTV nam Elma aan deze demonstratie deel. Zij was al in Engeland vanwege een conferentie over vrouwenhandel (in de volgende Verhandelingen kunt u hierover lezen). Tijdens de conferentie werd benadrukt dat armoede de voornaamste oorzaak van vrouwenhandel is. Zij vond het dan ook heel bijzonder om uit naam van al die onzichtbare vrouwen die verhandeld zijn, mee te lopen in de demonstratie. Hieronder leest u haar verhaal.

Het verzamelpunt van de mars in Edinburgh waren de “Meadows”, een paar enorme grote grasvelden, waar de duizenden in het wit geklede mensen zich verzamelden. Er stonden verschillende podia waar doorlopend muziekgroepen optraden en sprekers te horen waren.
Vanaf 12 uur begon de mars. Ik schrijf heel bewust vanaf, want de ‘wachttijd’om te beginnen met lopen was minstens een paar uur. Een stoet van naar schatting 250,000 mensen, gekleed in wit en gewapend met ballonnen, spandoeken en fluitjes vormde een witte ring rondom de stad, een witte band die ook symbool staat voor de witte armbandjes die de mensen dragen. Het doel van de mars was om een stem te laten horen aan de wereldleiders van de G8 om duidelijk te maken dat zij iets aan de armoede in de wereld kunnen doen. Acht mannen in één kamer kunnen wel degelijk een verschil maken!

In leeftijd varieerden de demonstranten van baby’s in kinderwagens tot en met een dame van 94, die met de nachtbus was gekomen en de volgende nacht weer met de nachtbus naar huis ging. Alle religies, groepen, rassen en standen waren aanwezig. Het was heel indrukwekkend om zoveel verschillende mensen samen te zien, met allemaal hetzelfde doel. De sfeer was fantastisch en de zon scheen de hele dag.
Om 3 uur ’s middags hield de stoet stil en werd er overal in Edingburgh een minuut stilte gehouden waarna alle witte ballonnen werden losgelaten, er een oorverdovend geluid losbarstte van applaus, trommels, fluitjes etc. en de stoet weer langzaam op gang kwam.
Op hetzelfde moment dat er in Edingburgh werd gelopen vonden in Londen en op vele andere plaatsen in de wereld de “Live 8” concerten plaats.
Concerten in solidariteit met de armen, georganiseerd door Bob Geldof. Het thema van de concerten was: “The long walk to justice ”(de lange weg naar gerechtigheid) waarbij toespraken van o.a. Nelson Mandela en Kardinaal O’Brien te zien en te horen waren.

Wat mij het meest is bijgebleven van deze dag is het gevoel van solidariteit met hen die arm gemaakt zijn en het gevoel van “People’s power”.
Er is iets dat mensen in beweging brengt en deze beweging lijkt niet meer te stoppen. Niemand verwacht dat het probleem van de armoede morgen is opgelost, maar wel is er de hoop en het vertrouwen dat vandaag het begin is gemaakt.

Elma van den Nouland, medewerker SRTV

terug naar begin

Bericht uit Letland
Regelmatig ontvangt de SRTV een lange, zeer onderhoudende brief van de Nederlandse zuster Marjolein Bruinen, over haar avonturen in Letland. Hieronder vindt u een deel van deze brief waarin ze vertelt hoe de leefomstandigheden zijn in deze nieuwe Lidstaat van de Europese Unie.

Beste vrienden in Nederland!
Riga, 30 mei 2005
Deze brief schrijf ik, terwijl ik op het terras van onze “datsja” (tuinhuisje) zit en geniet van de eerste echt zonnige dagen van deze lente. Ik hoop, dat jullie het goed maken en dat je de winter zonder grote problemen bent doorgekomen. (……)
Helaas moeten we hier in Letland vaststellen, dat de Europese Gemeenschap niet de economische voordelen heeft gebracht, die men gehoopt had; althans niet voor de minder welgestelde mensen. De koopwaar, die nu gemakkelijker uit het buitenland te krijgen is, verdringt de binnenlandse producten, een ramp voor wie daarvan moet leven. De inflatie is enorm. Initiatieven, die in de negentiger jaren van de vorige eeuw met enthousiasme begonnen werden, mislukken door gebrek aan financiële middelen. De steun die vanuit de E.U. voor sommige projecten werd gegeven, voordat Letland lid ervan was, valt weg. Mensen, die jarenlang hebben gespaard om hun huisje op te knappen, zijn daar snel mee begonnen, omdat de prijzen als pijlen in de hoogte schieten. Maar bijna altijd blijft het dan bij dit begin en komt er nooit iets klaar. Scholen en opleidingen, die intussen ongeveer 10 jaar bestaan, kunnen hun personeel niet meer uitbetalen. De werkeloosheid is zo hoog, dat bijna overal de medewerkers uitgebuit kunnen worden. Een vriendin vertelde, dat ze maandenlang op haar contract (en salaris) als lerares had moeten wachten. En toen ze het contract kreeg, las ze daarin, dat ze bereid moest zijn om op elk ogenblik, waarop de directie dat nodig achtte (d.w.z. ook in de weekends, want ze geven ook avond- en weekendcursussen), te komen werken. Ze zou kunnen weigeren om dit te ondertekenen. Maar dan staat ze op straat, want in haar plaats zijn er zeker tien anderen, die wel daartoe bereid zouden zijn, om maar een baan te kunnen hebben. Een van haar collega´s draagt zomer en winter een pantalon, omdat ze zich niet kan veroorloven telkens nieuwe panty’s te kopen.
De priester, die ´s zondags altijd met ons de H. Mis viert, was afgelopen week verhinderd. Hij had een collega gevraagd, om hem te vervangen. De jonge priester had geantwoord dat hij graag wilde komen, als wij maar de benzine konden betalen voor die paar kilometer die hij moet rijden.
In huis en tuin krijgen we hulp van enkele vrienden, die daarvoor een warme maaltijd en af en toe wat geld toegestopt krijgen. Aan een van hen hadden wij gevraagd, of ze onderweg naar hier een fles olie voor de maaimachine kon kopen; wij zouden haar dan later terugbetalen. Ze heeft het niet kunnen doen, want de olie kostte € 4,- en haar hele bezit was € 3,-, waarvan ze ook nog een bloemetje wilde kopen voor haar 5-jarig dochtertje, dat ´s avonds bij een kinderconcert mee mocht spelen.
Is het dan een wonder, dat vrouwen proberen, om in “het Westen” in korte tijd “rijk” te worden en zichzelf – of soms zelfs hun kinderen – verkopen? Het is heel goed, dat het thema “vrouwen- en mensenhandel” steeds meer belangstelling krijgt. Maar vaak staat men machteloos. Want wat kun je nog doen, als de boss van een mensensmokkelbende een hoge piet van de politie blijkt te zijn?
In deze dagen vindt een congres plaats van leerkrachten en medische verzorgers in scholen. Daar werd vastgesteld, dat de conditie van de kinderen elk jaar slechter wordt. Steeds jongere kinderen vertonen depressief en/of agressief gedrag. Op school krijgen de kinderen vaak hun enige warme maaltijd per dag. Maar door de inflatie hebben de scholen hun prijzen moeten verhogen. En nu kunnen veel mensen niet meer betalen. Dan gaan de kinderen sigarettenpeukjes zoeken of lijm snuiven. De ouders hebben nauwelijks tijd voor hen, omdat ze vaak meer dan één baan aannemen, of heel veel (helaas niet betaalde) overuren moeten maken, om rond te komen. En als ze naar huis komen, zijn ze uitgeput en hebben geen energie meer voor de kinderen.
Jonge mensen plegen zelfmoord, omdat ze voor zichzelf of voor een eventueel te stichten gezin geen toekomst meer zien. Daarom is het uiterst belangrijk, dat ze levenszin en waarden aangereikt krijgen; iets waarvoor het de moeite waard is om te leven en zich in te zetten.
Het klinkt afgezaagd, maar ik doe het altijd weer met een hart vol vreugde: jullie bedanken voor alle steun, die jullie ons geven.

Zr. Majolein Bruinen, Dominicanessen van Bethanië in Letland

terug naar begin

De SRTV in Zwolle en Dordrecht
Af en toe krijgt de SRTV de kans zich op een markt of manifestatie te presenteren. Dit jaar gebeurde dat onder andere in april op de informatiemarkt tijdens de Kerkendag in Zwolle en in mei bij “Dort Spiritueel”, de door het dekenaat Dordrecht georganiseerde dag.
Bij deze gelegenheden zorgen een groot aantal SRTV-medewerkers ervoor dat een mooi ingerichte kraam voorbijgangers uitnodigt om een kijkje te nemen of een praatje te maken.
Mensen worden aangesproken met de vraag of ze al eens van vrouwenhandel hebben gehoord. Vaak ontspint zich dan een interessante discussie en blijkt dat het onderwerp vrouwenhandel niet onbekend is. We zorgen er ook altijd voor dat er in de SRTV-stand iets te doen is, zoals het maken van een Afrika-puzzel. Verder is al het informatiemateriaal van de SRTV en Verhandelingen en Transactions, de Engelstalige uitgave van verhandelingen, te vinden in de stand.

terug naar begin


Een enerverende conferentie in Roemenië
Op 18 en 19 maart organiseerde Aidrom, partner in het Christelijk netwerk van Europese organisaties tegen vrouwenhandel, een tweedaagse conferentie over vrouwenhandel in Roemenië. Ivonne van de Kar reisde af naar Boekarest en nam hieraan deel.

Roemenië zal binnen enkele jaren toetreden tot de Europese Unie maar moet voordat het zover is nog voldoen aan een aantal minimumeisen. Een daarvan is dat het beleid betreffende mensenhandel naar Europese maatstaven moet worden opgetrokken.
Roemenië maakt hier nu serieus werk van en vele organisaties tegen mensenhandel werden het afgelopen jaar opgericht. Een twintigtal Roemeense organisaties kwam tijdens deze conferentie bij elkaar. Deze organisaties lopen uiteen van afdelingen van de politie, Unicef Roemenië tot kerkelijke organisaties. Organisaties als de SRTV, Caritas, CEC* en de Schotse afdeling van het Europees Oecumenisch Vrouwenforum werken al vele jaren tegen vrouwenhandel; zij deelden hun ervaringen met de Roemeense organisaties. Zo werd het Roemeense voorlichtingsmateriaal van de SRTV uitgebreid besproken met organisaties die zich in Roemenië bezig (gaan) houden met preventie en voorlichting.
Het meest in het oog springend hierbij zijn de jonge orthodoxe priesters die in de parochies werken.

Orthodoxe kerk tegen mensenhandel
De Roemeens-Orthodoxe kerk heeft enkele jaren geleden besloten dat mensenhandel een ernstige aantasting is van de waardigheid van mensen. Besloten werd daarom dat de kerk zich actief bezig houdt met voorlichting en bewustwording op scholen, in kerken en parochies.
Om dit standpunt te onderstrepen werd de eerste dag van de conferentie gehouden in het paleis van de Patriarch. Alle deelnemers werden welkom geheten door de dagvoorzitter, Zijne Eminentie Ciprian Camineanul, de kerkelijk verantwoordelijke voor de strijd tegen mensenhandel.
Nadat de dagvoorzitter zijn toespraak had gehouden ontstond grote beroering in de zaal: de Patriarch zelf kwam binnen, werd aan alle deelnemers voorgesteld en gaf zijn zegen over ons werk in het algemeen en over de conferentie in het bijzonder. Deze zeer bijzondere geste maakte aan alle aanwezigen, maar vooral aan de Roemeense organisaties duidelijk dat de Roemeens Orthodoxe Kerk zich daadwerkelijk wil inzetten om mensenhandel te bestrijden. Deze begroeting was ’s avonds uitgebreid op het journaal van het Eerste Roemeense televisienet te zien.

Dialoog komt op gang
De tweede dag van de conferentie was meer gericht op dialoog tussen de verschillende organisaties hetgeen hard nodig bleek te zijn. De meeste organisaties kenden elkaar nog niet er bleek veel wantrouwen te bestaan tussen de overheidsorganisaties en de ngo’s.
Zo zag een afdeling van de Roemeense politie er geen bezwaar in om van teruggekeerde slachtoffers naam, adres en sofi-nummer in hun computersysteem op te nemen. Na veel discussie werd hen duidelijk dat jonge meisjes die al zoveel ellende hebben meegemaakt geen vertrouwen hebben in de Roemeense overheid en dat zij hun persoonlijke gegevens niet in een databank opgenomen willen hebben. Wie weet wat ermee gedaan zal worden?
‘s Middags mochten de buitenlandse bezoekers twee opvanghuizen in Boekarest bezoeken, een daarvan was Adpare. Dit opvanghuis heeft een band met enkele Nederlandse vrijwilligers die ook actief zijn bij de SRTV.

Voorlichting door scholieren
Aan het einde van de middag werd een voorlichtingstoneelstuk opgevoerd door Roemeense scholieren. Ze hadden het stuk zelf bedacht en geregisseerd. In dit stuk werd erg duidelijk gemaakt hoe een jong meisje door een leuk vriendje werd verleid en overgehaald om in Europa geld te verdienen voor hun gezamenlijke toekomst. Ze werd in een bordeel ondergebracht en aan de hoogste bieder verkocht. Deze voorstelling maakte zeer veel indruk en was een onvergetelijke gebeurtenis. De scholieren zullen dit stuk in heel Roemenië gaan opvoeren.

Deze korte maar zeer interessante bijeenkomst in Boekarest heeft duidelijk gemaakt dat het een goed idee is om beginnende organisaties tegen vrouwenhandel in de nieuwe Midden- en Oost-Europese landen bij elkaar te brengen en informatie uit te wisselen met meer ervaren, langer bestaande organisaties.

Ivonne van de Kar
*CEC=Conferentie van Europese Kerken

terug naar begin


Expertisecentrum bundelt kennis mensenhandel
De Nationale Recherche gaat gegevens die te maken kunnen hebben met mensenhandel of mensensmokkel, intensiever uitwisselen met andere diensten. Vandaag opent daartoe in Zwolle een landelijk expertisecentrum.
In het expertisecentrum mensenhandel en -smokkel werken 35 medewerkers van vier verschillende diensten samen. Het gaat om deskundigen van de Nationale Recherche, de Koninklijke Marechaussee, de sociale opsporingsdienst SIOD en de Immigratie- en Naturalisatie-dienst IND.
Het is de bedoeling dat in Nederland in totaal zes expertisecentra komen. Die richten zich elk op een ander kennisgebied, bijvoorbeeld wapens en explosieven.
Door met elkaar in één gebouw te werken, moet de uitwisseling van gegevens tussen de verschillende diensten beter verlopen.
Volgens Jan Boersma, unithoofd van de Nationale Recherche Noord- en Oost-Nederland, is het nadrukkelijk de bedoeling dat de informatie die zo wordt verzameld, ook zoveel mogelijk met de andere partijen wordt gedeeld. “We willen geen FBI worden die slechts bovenop de eigen informatie zit”. Vaak kunnen er - ondanks de uitgebreide privacy-wetgeving in Nederland - meer gegevens worden uitgewisseld dan de medewerkers van de diensten aanvankelijk denken, stellen de initiatiefnemers.
Het expertisecentrum moet er ook voor zorgen dat informatie-analyse en opsporing elkaar beter aanvullen. Zo kunnen speurders trends die ze bij hun opsporingswerk ontdekken, direct doorgeven aan de analisten. Die kunnen op hun beurt de opsporing helpen door actuelere informatie te delen.

Trouw donderdag 19 mei 2005

terug naar begin


Raad van Europa ratificeert Verdrag Mensenhandel
De Raad van Europa* heeft het verdrag over de Actie tegen de handel in mensen op 3 mei aangenomen. Het kon ondertekend worden tijdens de bijeenkomst in Warschau op 16-17 mei 2005.
In het verdrag staat:
? dat mensenhandel een schending is van de rechten van de mens;
? dat mensenhandel grensoverschrijdend kan voorkomen, maar ook binnen de grenzen van een land;
? een pakket van minimum eisen voor bescherming van slachtoffers (inclusief 30 dagen bedenktijd);
? een aantal maatregelen voor preventie en voor strafbaarstelling van mensenhandel.
Met dit verdrag wordt ook een onafhankelijke raad van experts opgericht (GRETA) waarin toezicht wordt gehouden op de naleving van het verdrag door de landen die het ondertekend hebben.

Op dit moment hebben de volgende 14 Europese landen het verdrag ondertekend:
Armenië, Cyprus, IJsland, Kroatië, Luxemburg, Malta, Moldavië, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Servië en Montenegro, en Zweden.

Diverse Europese organisaties tegen mensenhandel roepen alle Europese landen op dit verdrag te ondertekenen.

*Noot van de redactie: Raad van Europa
Deze politieke organisatie is géén onderdeel van de Europese Unie en moet niet verward worden met de Raad van de Europese Unie of de Europese Raad. Deze Raad van Europa heeft veel meer lidstaten, namelijk alle landen van Europa behalve Wit-Rusland en Vaticaanstad. Het belangrijkste doel is de bescherming van de rechten van de mens. Daartoe werd het Europese Hof voor de Rechten van de Mens ingesteld in Straatsburg.

terug naar begin


De SRTV in Rome
Vaticaans congres over pastoralezorg voor prostituees
Op verzoek van Mgr. Muskens hebben Yos Appelhof en Zr. Elma van den Nouland namens de SRTV deel genomen aan de eerste Internationale bijeenkomst van pastoraal betrokkenen bij de bevrijding van ‘women of the street’ die gehouden werd in Rome op 20 en 21 juni 2005.
Deze bijeenkomst werd georganiseerd door de Pauselijke Raad voor de zorg van migranten en reizende mensen. Aanwezig waren meer dan 50 congresgangers uit 24 landen die allemaal bisschoppenconferenties, religieuze instituten en kerkelijke organisaties vertegenwoordigden. De presentatie van de SRTV werd goed ontvangen, evenals de nieuwe voorlichtingsfilm ‘Anna’.
Een aantal mensen was gevraagd om een lezing te geven en enkele zeer inspirerende getuigenissen zijn hieronder weergeven.

In de openingsspeech van Mgr. Agosino Marchetto, Secretaris van de organiserende Pauselijke Raad gaf hij aan dat het voor gelovige mannen en vrouwen in deze tijd een uitdaging is, ons in te zetten voor de armen en diegene die uitgebuit en verstoten worden. “De prostitutie in haar traditionele en hedendaagse vormen, met de ontwikkeling van het internationale verkeer en het sekstoerisme is voor een groot deel het gevolg van een onrechtvaardig systeem dat aan de basis ligt van onze samenleving en dat op diverse gebieden leidt tot verschillende vormen van misbruik van vrouwen”.

Handel in mensen niet nieuw
Mw. Mariette Grange, afgevaardigde van de International Catholic Migration Commission (ICMC) benadrukte in haar lezing dat handel in mensen niet nieuw is en dat er al vanaf de 15de eeuw miljoenen Afrikanen met geweld over de oceaan gebracht werden om Amerika en West-Europese staten op te bouwen. De Internationale gemeenschap is door campagnes en bewustwording in de negentiger jaren doordrongen geraakt van het feit dat mensenhandel beëindigd moet worden. De wereldvrouwenconferentie in Beijing (1995) speelde een grote rol in die bewustwording evenals de wereldconferentie tegen Racisme in Durban (2001). Belangrijk is ook dat de Raad voor Europa in 2005 heeft besloten dat mensenhandel een schending van mensenrechten is!
Verder besteedde deze spreekster aandacht aan de oorzaken van de mensenhandel, zoals armoede, gender discriminatie, werkeloosheid en alleenstaand ouderschap.
Net als de SRTV gebruikt ook zij de term vrouwenhandel in plaats van het juridisch correcte mensenhandel omdat 98 % van de verhandelde personen vrouwen zijn en hun rechten met voeten worden getreden als ze gedwongen in de prostitutie moeten werken. ‘We moeten luisteren, naast hen staan en hen zonder oordeel tegemoet treden!’

Uitdaging
Zr. Eugenia Bonetti, een goede bekende van de SRTV, zet zich al jarenlang in voor verhandelde vrouwen. Zij doet dit vanuit de Italiaanse Unie van Generaal-oversten (USMI). Zij gaf aan dat er vanuit het evangelie van ons gevraagd wordt zorg te hebben voor onze naaste en dat die vraag door velen wordt beantwoord! Vooral vrouwelijke religieuzen hebben zich vanuit hun “missie” steeds ingezet voor de zwakkeren binnen de samenleving. Het is een oud, maar ook zo nieuw charisma dat deze uitdaging aanneemt.

Huiselijk geweld
Zr. Michelle Lopez, een zuster van de Goede Herder in Thailand, benaderde het probleem vanuit een ander perspectief. Zij ziet huiselijk geweld als basis voor het feit dat vrouwen in de gedwongen prostitutie terecht komen. “Huiselijk geweld vindt plaats binnen relaties tussen man en vrouw, maar ook tussen mannen onderling en vrouwen onderling.”
Vrouwen die aan dit geweld en die afhankelijkheid willen ontsnappen en hun situatie willen veranderen, proberen soms te migreren. Voor hen is dit een overlevingsstrategie die echter vaak resulteert in het wederom slachtoffer worden, maar dit keer van vrouwenhandel.
Zij pleitte voor een benadering waarin vrouwen en mannen elkaar helpen om bevrijd te worden uit de macho-systemen waar beiden slachtoffer van zijn. De oorzaak hiervan is volgens Zr. Michelle de sociale armoede waaronder zowel mannen als vrouwen te lijden hebben. Mannen zouden vrouwen moeten ondersteunen om zich te bevrijden uit een ondergeschikte positie, die veel misbruik met zich mee brengt. Ze vindt dat dit al heel vroeg in de opvoeding een ruime plaats moet krijgen. Regeringen zouden vrouwen meer mogelijkheden moeten bieden voor opleidingen en werk waardoor er meer evenwicht komt binnen relaties.

Inspirerende bijeenkomst
Aan het eind van de twee dagen werd een aantal aanbevelingen gedaan aan de organiserende Pauselijke Raad waarin o.a. gevraagd is voor een vervolgbijeenkomst en een verder uitwerken van richtlijnen voor pastorale zorg voor verschillende groepen vrouwen.

Het was een zeer inspirerende bijeenkomst. Wij hopen dat dit congres ons verder helpt in onze strijd tegen vrouwenhandel en dat de SRTV nog nauwer kan samenwerken met organisaties en instituten, ook binnen de kerk, op zowel internationaal als nationaal niveau.

Yos Appelhof en Elma van den Nouland, SRTV

terug naar begin

 

Amazone en Vrouwenhandel
Marcel Hazeu - Medewerker van het kinderrechtencentrum in Belém en coördinator van het programma jepiara tegen seksuele uitbuiting en mensenhandel

Brazilië, het land van samba en voetbal, een torenhoge buitenlandse schuld en dagelijkse moordpartijen van straatkinderen, zwervers en kansarme jongeren. Een land van ongelooflijke afmetingen en rijkdommen, tegelijkertijd een natie van armoede en uitbuiting. De helft van Brazilië wordt ingenomen door de Amazone, een reusachtig tropisch regenwoud met een variëteit aan bewoners (indianen, negerkolonies, rivieroeverbewoners, kleine boeren, goudzoekers, houthakkers, rubbertappers, stedelingen...) die vaak voor het gemak vergeten worden, omdat de natuurlijke rijkdommen erg in het oog springen en voor de internationale economie veel belangrijker zijn. In dit artikel wil ik het echter over deze bewoners hebben, omdat zij een bijzondere rol spelen in de internationale mensenhandelnetwerken.

De Amazone wordt voor een deel nog steeds bewoond door stammen indianen, waarvan sommigen direct contact hebben met de "blanke" samenleving en anderen nog heel geïsoleerd overleven. Sinds de kolonisatie van Brazilië is de Amazone beschouwd als een wilde en te onderwerpen groene wildernis, waarbij er twee belangen tot de dag van vandaag spelen: de economische waarde van de mineralen, het hout, de dieren en de planten en als tweede de nationale veiligheid (de landsgrenzen). Op grond van deze twee belangen zijn er constant migratiegolven gestimuleerd vanuit andere delen van Brazilië, waarbij de nadruk lag op mannelijke werkkracht voor de rubbertap, de mijnbouw, de grote bouwprojecten, de ontbossing en houtwinning, de goudwinning en de militaire legerplaatsen. Deze werkkrachten werden en worden (met name) geronseld in het arme noordoosten van Brazilië en in mindere mate in het zuiden. Deze mannen laten vaak families achter met de intentie tijdelijk in de Amazone geld te gaan verdienen. Zij worden door arbeidsronselaars naar hun werkplekken gebracht, waar ze vaak geïsoleerd en onder erbarmelijke omstandigheden moeten werken. Deze mannelijke migratie en moderne (slaven)arbeid, die aan de ene kant chaotisch is (geen controle, wreed, zonder ondersteuning voor de werknemers, zonder rekening te houden met de lokale cultuur en samenleving), maakt aan de andere kant deel uit van een gecoördineerd economisch en militair beleid. Parallel aan deze zaken heeft zich een vrouwelijke migratie ontwikkeld, georganiseerd door de seksindustrie. Als belangrijkste lokkers voor de met name (heel) jonge vrouwen (vaak tienermeisjes) werd de mogelijkheid voorgespiegeld van veel vrijgezellen , die goed geld aan het verdienen waren en die behoefte hadden aan vrouwelijk gezelschap. Dat betekende dus uitzicht op goede verdiensten (als kokkin, huishoudster of prostituee), wie weet een echtgenoot en een nieuw begin (voor diegenen die thuis of in hun woonplaats al veel geweld, armoede en problemen hadden moeten verwerken).

De ontoegankelijkheid van de Amazone, de enorme uitgestrektheid, het ontbreken van ondersteuningsnetwerken en de nationale beeldvorming over de Amazone als een wildernis met gevaarlijke indianen, betekende/betekent dat zowel de mannen als de vrouwen/meiden afhankelijk waren van ronselaars en lokale handelaars, waarbij velen in een semi-slavenarbeid situatie terecht kwamen, door de hoge schulden die hun vervoer en verblijf volgens de tussenpersonen met zich meebrachten en de totale afhankelijkheid van de lokale "werkgever" voor het levensonderhoud, vanwege de geïsoleerde woon- en werkplek.

Zo is met name gedurende de twintigste eeuw de Amazone bevolkt door niet-indianen, waarbij veel indianen zijn vermoord en veel van hun land is bezet. Deze geschiedenis houdt ook in, volgens Marina Silva, de huidige minister van Milieu en dochter van een rubbertapper uit de Amazone, dat de samenstelling van de families in de huidige samenleving deels gebaseerd is op de prostitutienetwerken die zich in de loop van de tijd hebben ontwikkeld. Met andere woorden, migratie via ronselaars en (seksuele) uitbuiting behoren sociaal, economisch en cultureel tot de overlevingsstrategieën van een groot deel van de bevolking van de Amazone.

Pas in het begin van de jaren negentig kwam er een eerste kritisch geluid over het gemak en de enorme schaal waarop met name meisjes in de Amazone seksueel werden uitgebuit, waarbij de aandacht op dat moment werd gericht op de goudzoekersdorpjes. Via de landelijke pers ontstond er enige opschudding, wat leidde tot invallen van de federale politie in de dorpjes en het "bevrijden" van tientallen meisjes. Een jaar na deze invallen bleken de meeste meisjes in andere dorpjes in bordelen te zitten en was de aandacht weer weggeëbd. De straatkinderbeweging en lokale kinderrechtencentra hadden het thema echter permanent op hun agenda gezet en gingen op zoek naar wat er werkelijk speelde en gebeurde in en rond de kinderprostitutie in de Amazone. Daarbij stuitte men op de enorme omvang van dit fenomeen , dat alom aanwezig bleek en waarvan niemand schijnbaar opkeek. Vele families zagen het als één van de weinige overlevingsstrategieën, met name voor hun dochters die vaak al zeer jong moeder waren geworden en die geen partner hadden die de verantwoordelijkheid voor de kinderen kon delen. Het ronselen en organiseren van de prostitutienetwerken zijn tamelijk openbare bezigheden die inspeelden op de lokale cultuur en machtsverhoudingen. Het seksuele en fysieke geweld (met regelmatig dodelijke afloop) zorgen verder voor een vrij algemeen onderwerping aan de perverse en machistische eisen van de seksmarkt.

Zeven organisaties in de Amazone, verspreid over het hele gebied, hebben zich vervolgens in een regionaal netwerk georganiseerd om de seksuele uitbuiting van kinderen en jongeren taan de kaak te stellen en om zowel overheidsbeleid als acties van gouvernementele instanties te ontwikkelen. Daarvoor bracht deze groep Txai (in Tupi Guarani "vriend, kameraad, deel van mij" ) via onderzoeken de situatie in de Amazone in kaart, nam deel aan beleidsraden, organiseerde trainingen en scholingen. Mede door deze permanente activiteiten, die vaak steun ontvingen van Unicef, kan niemand meer ontkennen dat het probleem bestaat en worden er voorzichtige beleidsprojecten geformuleerd en enkele opvangprogramma’’s opgezet. Maar...

De traditionele en nieuwe prostitutienetwerken in de Amazone voelen zich echter nog geen moment bedreigd, aangezien rechters, politieagenten, zakenmensen en politici zich tegoed doen aan de mogelijkheden die de lokale seksmarkt hen biedt. Daarom worden zij geen partners van diegenen die de seksuele uitbuiting willen bestrijden. Ze staan meer aan de zijde van de uitbuiters, of maken daar zelf deel van uit. De politie-agente van het politiebureau voor vrouwenzaken bleek een wrede bordeeleigenares, de persvoorlichter van een deelstaatregering hield een kinderprostitutienetwerk in stand, net zoals een groep zakenlieden in een klein stadje in de binnenlanden. Allemaal publieke zaken die tot geen enkele veroordeling hebben geleid en tot aan de dag van vandaag pijn, vernedering en uitzichtloosheid voor de betrokken meisjes en vrouwen betekent. Zelfs diegenen die niet persoonlijk profijt trekken, vinden het vaak de gewoonste zaak van de wereld dat de meisjes en vrouwen seksueel uitgebuit worden.
In 2002 heeft een groep van niet gouvernementele organisaties een landelijk onderzoek uitgevoerd naar de kinder- en vrouwenhandel voor de seksuele uitbuiting. In de Amazone heeft de Txai-groep, samen met de lokale universiteiten de regio onderzocht en kwam tot de conclusie dat in de amazone drie soorten vrouwen- en meisjeshandel voor de prostitutie bestaan, namelijk in de Amazone zelf, naar de buurlanden en naar Europa. Het gaat om een algemeen verspreid fenomeen, waarbij georganiseerde misdaad en zeer kleinschalige en ongeorganiseerde groepen door elkaar heenlopen, zonder enig overheidsingrijpen (met uitzondering van enkele politie-operaties), waarbij er noch steun noch informatie bestaat voor de betrokken meisjes en vrouwen. De investeringen in de regio houden nog steeds geen enkele rekening met de positie van meisjes en jonge vrouwen, waardoor de economische ontwikkelingen eerder een stimulerend dan een afremmend effect op de seksuele uitbuiting hebben.

Brazilië, en met name de Amazone, is een land waar seksuele uitbuiting een structureel onderdeel uitmaakt van de maatschappij. De machistische cultuur versterk de houding van mannen die vinden dat ze ongehinderd kunnen beschikken over het lijf van meisjes en vrouwen, dat deze laatsten eigenlijk niets liever willen dan de wensen van de mannen te vervullen, terwijl de vrouwen en meisjes als eigenbeeld via de media en opvoeding het signaal meekrijgen dat hun seksualiteit in dienst staat van de verlangens en fantasieën van de mannen en dat hun belangrijkste waarde schuilt in hun sensualiteit en lichaam, wat daardoor met name wordt ingezet als overlevingsstrategie.

De internationale seksmarkt (Seks toerisme, vrouwenhandel, bounded labour in de bordelen in Europa, pornografienetwerken) heeft dus een uitstekend aanbod in Brazilië: meisjes en vrouwen die zich bijna aanbieden om uitgebuit te worden "ze willen het zelf", "je hoeft ze er nauwelijks voor te betalen", "Braziliaanse vrouwen doen helemaal geen aangifte van vrouwenhandel in Nederland"...
Het is opvallend dat er een heel groot aantal Braziliaanse vrouwen, meisjes en ook jongens in de prostitutie "vastzitten" in Nederland, Duitsland, Portugal, Spanje, Italië en Frankrijk, terwijl je alleen maar hoort over de mensenhandel vanuit Oost Europa en Azië (heel soms Afrika). Misschien dat ook bij de organisaties die zich voor de belangen van verhandelde vrouwen inzetten er onbewust een beeld bestaat dat Braziliaanse vrouwen en meiden, in tegenstelling tot die uit alle andere landen van de wereld,, uit "vrije keuze" door de seksindustrie worden uitgebuit.

Veel meisjes en jonge vrouwen laten vaak heel jonge kinderen achter bij een zus, een buurvrouw of een tante, waarvoor ze hopen in het buitenland geld te verdienen. Veel van deze kinderen worden slecht behandeld, gediscrimineerd en zelf mishandeld in